Alles over de barefoot schoenen

Geschiedenis
Waar het in de oudheid nog normaal was om op blote voeten te lopen, verschoof dit beeld langzaam. De Romeinen liepen ook veelal op blote voeten, maar dit veranderde toen de Grieken de Romeinen veroverden. De Grieken in het Oude Rome zagen kleding en schoenen als een teken van macht en beschaafdheid. Alleen arme mensen zoals bedelaars en slaven liepen op blote voeten.

In Azië, Nieuw-Zeeland en Australië wordt het als heel normaal gezien om op blote voeten te lopen. In veel ontwikkelingslanden wordt ook op blote voeten gelopen. Echter, in de meeste westerse landen worden schoenen gezien als een symbool van beschaving. In sommige landen en culturen is het ook normaal en wordt het als fatsoenlijk gezien om je schoenen uit te trekken als je een woning betreedt.

Langzaam ontstond er een beweging in de westerse cultuur van mensen die om verschillende redenen (hygiëne, gezondheid, religieuze) de keuze maakten om op blote voeten te lopen. Zo ontstond een subcultuur, die barefooters wordt genoemd. In Finland werd het eerste idee voor de minimalistische schoenen bedacht. Het gevoel van het lopen op blote voeten, maar zonder de kans om verwondingen op te lopen.

Wat zijn barefoot schoenen?
Barefoot schoenen worden ook wel minimalistische schoenen genoemd. Deze schoenen zijn speciaal ontworpen om zo min mogelijk effect te hebben op je voeten. Barefoot schoenen zijn schoenen die ervoor zorgen dat het lijkt alsof je op blote voeten loopt. De stof en zool is zo dun dat ze eigenlijk alleen beschermen om niet gewond te raken.

Kenmerken
De barefoot schoen heeft geen hakverhoging waardoor de schoen dus geheel vlak is. Dit stimuleert het lichaam om een rechte houding aan te nemen.
Door de dunne voetzool wordt het contact met de grond gestimuleerd en kun je de oneffenheden beter voelen. Direct contact maken met de grond stimuleert de stofwisseling. Een goede stofwisseling zorgt voor een verbeterde weerstand en een verbeterde nachtrust.

De schoenzool heeft geen versteviging en is flexibel, waardoor de spieren in de voeten en benen aan het werk worden gezet. Daarnaast worden ook de zenuwen van je voet meer gestimuleerd, waardoor al met al je voeten weer sterker worden.

De schoen is breed bij de tenen waardoor de tenen kunnen spreiden. Doordat de tenen zich helemaal kunnen spreiden, wordt de doorbloeding bevordert. Een goede doorbloeding helpt tegen koude voeten en dus tegen klachten die kunnen ontstaan door koude voeten, zoals wintertenen. Het spreiden van de tenen stimuleert ook het evenwicht.

Je kunt de schoenen in de wasmachine uitwassen en ze zijn licht.

Wat doet een ‘normale’ schoen?
Je voeten en de stand van je voeten zijn de basis van de rest van je lichaam. Een voorbeeld: sommige mensen ervaren rugklachten die ontstaan door scheefstand van de voeten. Nagenoeg alle ‘normale’ schoenen hebben een hak. De hak buigt de hiel naar boven. Hierdoor staat je lichaam als het ware niet meer natuurlijk recht en moet je lichaam gaan corrigeren om recht te blijven staan.

Daarnaast zorgen ‘gewone’ schoenen ervoor dat je voeten en tenen minder ruimte hebben. De spieren in je voeten worden zwakker doordat ze meer ondersteuning ervaren door de schoenen. Deze spieren hoeven dus minder hard te werken. De huidige schoenen bevatten meestal een zool die dempt. Dit komt doordat verharde ondergrond niet meebeweegt en dus geen dempend effect heeft. Dit verzwakt de spieren in je tenen, voeten en benen.

Overgaan op barefoot schoenen
Het advies is op niet in één keer over te stappen op barefoot schoenen. Je voeten en je lichaam zijn het nou eenmaal niet meer gewend om ‘bloot’ te lopen. Dit vraagt wat van je spieren! Om je spieren te versterken kun je oefeningen doen, zoals het rekken van de spieren en vooral ook de kuitspier. Ook kun je al beginnen met lopen op blote voeten, bijvoorbeeld binnenshuis. Teensokken zijn ook handig om de voeten te helpen met oefenen en de spieren te versterken. De tenen worden zo namelijk al in een (meer) rechte positie gezet.

Doordat er zo veel verschillende soorten minimalistische schoenen zijn, is het aan te raden om de schoenen in een winkel aan te schaffen. Zo kun je ervaren welke schoenen jij het prettigst vindt. Ook wordt geadviseerd het gebruik van de schoenen langzaam opbouwen, elke dag een beetje. Zo laat je jouw lichaam wennen aan de nieuwe houding en versterk je op een juiste manier de spieren in je voeten en benen.

Niet iedereen kan minimalistische schoenen dragen. Mensen met diabetes en mensen met scheefstand van de voet of een doorgezakte voet, kunnen beter eerst bij een Podoloog advies inwinnen.

Bij het dragen van minimalistische schoenen is het belangrijk om de voet volledig af te wikkelen tijdens het lopen. Als je te grote stappen maakt, kan de voet te hard neerkomen en dus te weinig demping bieden.

Conclusie
Het lopen op blote voeten is wetenschappelijk onderbouwd beter voor je lichaam. De minimalistische schoen is een prettige tussenoplossing, omdat je wel een schoen kunt dragen (wat in de meeste landen als beschaafd wordt gezien) en je jezelf beschermt tegen verwondingen. Op blote voeten lopen of gebruik maken van de barefoot schoenen is niet voor iedereen weggelegd, dus verdiep je van ten voren eerst goed! Ga jij over op de barefoot schoenen? Of begin je eerst met het lopen op blote voeten in en rond je huis?


De afgelopen dagen is het volop in het nieuws; paracetamol uit China zou mogelijk kankerverwekkende stoffen bevatten. Volgens onderzoek door NRC en het tv-programma Zembla, bevatten tabletten paracetamol van de grootste producent ter wereld, Anqui Lu’an Pharmaceutical, de stof 4-chlooraniline, ook PCA genoemd. Door de wereldwijde uitbraak van Covid-19 is de vraag naar paracetamol met 30% gestegen en hierdoor werkt deze Chinese producent 24/7 om aan de vraag te kunnen voldoen. Waarschijnlijk bereiden zij hun medicijn op basis van chloorbenzeen, in plaats van met fenol waarmee paracetamol al sinds 1893 wordt gemaakt. Chloorbenzeen kan leiden tot vervuiling met PCA.

Vorig jaar kwam China al negatief in het nieuws toen bleek dat door hen geproduceerde bloeddrukverlagende medicijnen kankerverwekkende stoffen bevatten. Wereldwijd werden er miljarden pillen teruggeroepen. Nu gaat het naar alle waarschijnlijkheid om een partij van in ieder geval 34 miljoen tabletten paracetamol. Maar waar in de wereld deze terecht zijn gekomen, blijft onduidelijk omdat de producent dat niet wil vertellen. Wat we wel weten, is dat de Chinese producent zijn stoffen levert aan een Nederlandse pillenfabrikant, die op zijn beurt (huismerk)pillen levert aan onder meer Etos, Jumbo, Albert Heijn, Da, Kruidvat en Trekpleister.

PCA wordt volgens het Europees Geneesmiddelen Bureau (EMA) en de Europese Voedselveiligheidsauthoriteit (EFSA) beschouwd als een genotoxisch carcinogeen. Dit wil zeggen dat het een kankerverwekkende stof is die schade toebrengt aan het menselijk DNA. Inmiddels is in proefdieropstellingen gebleken dat de stof levertumoren kan veroorzaken.
In Nederland slikken we per jaar gemiddeld 115 tabletten paracetamol per persoon. We slikken er waarschijnlijk zoveel omdat de tabletten vrij verkrijgbaar zijn in onder meer de supermarkt, het weinig bijwerkingen heeft en vrijwel geen wisselwerking laat zien met andere medicijnen, waardoor je het bijna altijd kunt slikken. In principe nemen pijn- en koortsklachten al na twintig minuten na gebruik af en is ‘normaal’ functioneren dus snel mogelijk.

Pijn
Pijn is een signaal van het lichaam dat gegeven wordt als er ergens iets niet klopt. Het is een onprettig gevoel dat kan variëren van stekend tot zeurderig of branderig. Het ontstaat door extreme warmte of kou, door beschadiging of verwonding of inwendig door beschadiging van zenuwen. Ons lichaam laat bij het optreden van één of meer van die factoren stofjes – prostaglandines – vrij die opgepikt worden door pijnreceptoren. Deze activeren op hun beurt pijnzenuwen, die weer een signaal naar de hersenen sturen. Dit gebeurt ongelooflijk snel, in maar een fractie van een seconde. Een pijnervaring is overigens wel een subjectieve ervaring. Niet iedereen voelt pijn op dezelfde manier en ook de hevigheid verschilt van persoon tot persoon.

Paracetamol kan, als de pijn niet wordt veroorzaakt door een ontsteking, helpen om pijn te verminderen. Na het slikken of inbrengen via een infuus of zetpil, wordt het medicijn opgenomen in het bloed en door het hele lichaam verspreid. Overal waar het op zijn weg prostaglandines tegenkomt, worden deze geblokkeerd, zodat de pijnreceptoren ze niet meer op kunnen pikken. Het is eigenlijk schieten met grof geschut, wat misschien niet nodig zou zijn als prostaglandines direct bij de bron te tackelen zouden zijn.

Maar hoe zit dat nu met dat PCA? Omdat we niet weten of deze stof ook in Nederlandse paracetamol terecht is gekomen, is voorlopig voorzichtigheid met inname ervan geboden. Het advies is nooit meer dan de toegestane dosis te slikken en het middel nooit langer dan twee weken achter elkaar te gebruiken. Inmiddels heeft minister Van Ark van Medische Zorg half juli besloten dat er een uitgebreid onderzoek moet gaan plaatsvinden naar PCA in paracetamol en gaan ook de Nederlandse apothekers tabletten testen. Wij blijven de ontwikkelingen op dit gebied volgen en hopen er in de nabije toekomst nog meer over te berichten.


NB: Dit interview/artikel is geschreven vanuit het oogpunt van Sophie zelf. Dit is het tweede deel van een tweedelig interview.

Sophie in het kort
Ik ben Sophie en ik ben verslaafd geweest aan gokken. Ik weet niet goed of ik zou zeggen dat ik een ex-gokverslaafde ben, want ik denk dat een verslaving altijd in je systeem blijft zitten. Dus ik zou eerder zeggen; ik ben Sophie, ik ben gokverslaafd en ik heb al ruim een jaar niet gegokt.

De invloed op mijn dagelijks leven
Ja, het heeft mijn dagelijkse leven zeker beïnvloed. In mijn relatie en sociale contacten en op mijn financiële situatie. Ik ging mijzelf in die periode steeds meer afzonderen. Zelf zocht ik eigenlijk nauwelijks initiatief naar vrienden toe en als vrienden mij een berichtje stuurden dan wimpelde ik dat af. De relatie met mijn vriend stond op gespannen voet omdat ik steeds vaker down en chagrijnig was. Toen alles naar buiten kwam, was het helemaal slecht in mijn relatie. Mijn vriend moest natuurlijk het vertrouwen in mij eerst weer terug krijgen. Naast het liegen, had ik ook het geld van de gezamenlijke rekening gebruikt. Mijn financiële situatie was helemaal slecht, want ik had schulden opgebouwd. Daarnaast had ik er ook lichamelijke klachten door. Ik had steeds vaker hartkloppingen, was misselijk en viel veel af van de stress.

Hoe heb je het gokken aangepakt?
Op het gegeven moment was ik aan het gokken met het geld van de gezamenlijke rekening en toen kwam mijn vriend erachter. Ik heb toen een brief geschreven, over mijn depressie en mijn gokken en die aan hem gegeven. Ik was toen eigenlijk al op een punt dat ik wist dat het zo echt niet langer kon en had al een doorverwijzing aangevraagd bij de huisarts. Zo kwam ik bij Verslavingszorg Noord Nederland (VNN) terecht.

Mijn vriend is met mij mee gegaan naar het intakegesprek. Daar is eigenlijk een behandelplan opgesteld en vanuit daar is het balletje helemaal gaan rollen. Ik heb vanaf het moment dat mijn vriend erachter kwam eigenlijk geen behoefte meer gehad aan gokken. De druk was eraf. Ik hoefde niet meer te liegen en ik hoefde niet meer met spoed mijn schulden af te lossen om de vaste lasten te kunnen betalen.

Ergens in het begin (ik denk tijdens de intake) heb ik bij mijn coach aangegeven dat ik niet het persoon ben wat gemakkelijk ergens over praat. Althans, ik praat er gemakkelijk over, maar ik laat het niet binnenkomen. Je moet bij mij echt doorvragen en door mijn gedrag heen prikken. Dat heeft ze goed onthouden, want dat heeft ze gedaan!

En openheid. Eén van de dingen die tijdens de behandeling bij de VNN werd gedaan, was het benoemen van plekken en mensen die je moest vermijden. Ik had twee vriendinnen met wie ik weleens naar het casino ging. Zij wisten ook niet dat het gokken zo problematisch was, want ik deed op die momenten alsof het oké ging. Officieel zou je die vrienden dan moeten vermijden, maar in mijn geval hoefde dat niet. Deze vrienden waren namelijk voor mij juist een ondersteunende factor. Ik heb ze verteld hoe het met mij ging en dat ik gokverslaafd was. Vanaf dat moment zouden zij mij nooit meevragen naar het casino en waren ze er juist om mij te ondersteunen. Mijn moeder heb ik ook alles verteld (dat wilde ik eigenlijk niet, maar achteraf is dat natuurlijk wel goed geweest). Door open te zijn tegen de mensen die het meest naast je staan, voel je je automatisch gesteund.

Ik heb mijzelf op de zogenoemde witte lijst laten zetten in het casino. Dat was een hele moeilijke stap, maar wel een goede stap. Door jezelf op de witte lijst te zetten, ben je niet meer welkom in het casino. Je verzoekt dit zelf, dus het is niet dat je nooit meer welkom bent. Voor de periode van een half jaar mag je niet naar binnen en zullen ze automatisch de toegang weigeren. Dit is speciaal opgezet voor mensen die problematisch gokken.

Mijn vriend heeft al mijn pasjes in beheer genomen zodat ik niet meer kon gokken. Ik kreeg zakgeld en daar moest ik het die week mee doen. Dat voelde heel minderwaardig en kinderachtig, maar het was wel echt nodig. Mede daardoor heb ik vlot mijn schulden kunnen aflossen. Langzaam moest het vertrouwen weer groeien en door elke keer te laten zien dat ik het wél kon, kwam dat vertrouwen terug. Nadat ik mijn pasjes weer terug had gekregen, moest ik natuurlijk ook laten zien dat ik daarmee om kon gaan. Mijn vriend heeft tot op heden inzicht in mijn rekening, maar dat is eigenlijk niet meer nodig en hij kijkt er ook nooit op. Van die wetenschap maak ik ook geen misbruik, want ik heb echt geen behoefte meer aan gokken.

In de behandeling van de VNN stond het gedrag achter het gokken ook centraal. Waarom gok je? Welke gedachten heb je als je wilt gokken? En hoe zet je dat om naar iets positiefs? Ik ben dus samen met de coach op zoek gegaan naar andere manieren om mijzelf te overprikkelen. Nu ga ik vaak wandelen met de hond of muziek luisteren. Ook heb ik tijdens de behandeling geleerd meer open en eerlijk te zijn over hoe ik mij voel. En ik heb geleerd de lat wat minder hoog te leggen. Ik moet bijvoorbeeld heel veel van mijzelf als ik vrij ben. Maar soms lukt dat echt niet. Dan ben ik moe en zijn mijn lichaam en geest een rustdag nodig om alle prikkels een plaatsje te geven, bijvoorbeeld na een drukke werkweek. Ik heb nu geleerd dat dit goed is. Ik mag nu van mijzelf een dag niets doen, dat kon ik eerder niet.

En ik ben natuurlijk aan de medicatie gegaan. Goede medicatie voor mijn ADD en mijn depressie, zodat ik mij niet meer zo negatief voelde en de prikkels van mijn ADD beter kon verwerken.

Is er ook iets goeds uit voortgekomen?
In zekere zin wel. De relatie met mijn moeder en mijn vriend is verbeterd en sterker geworden. Ik heb nu namelijk meer geleerd om te praten over hoe het met mij gaat en eerder om hulp te vragen als het niet goed gaat. Ze zeggen soms dat het leven gaat met vallen en opstaan en dat je van je fouten leert. Ik kan inmiddels zeggen: “Ik heb gefaald, maar ik ben gegroeid.” In de periode die volgde nadat alles op tafel is gekomen, heb ik veel over mijzelf geleerd. Mijzelf beter leren kennen, mijzelf beter leren begrijpen. In die periode heb ik flink met mezelf geworsteld, maar ook mijn problemen aangepakt. Ik heb mogen ontwikkelen en groeien. Als ik terugkijk op die periode voel ik me soms even trots. Ik ben in een half jaar tijd mijn gokverslaving de baas geworden en heb al mijn schulden afgelost. En dat is niet gemakkelijk geweest: ik ben mezelf vaak tegengekomen. Maar al met al heeft dat er wel voor gezorgd dat ik nu bijvoorbeeld andere keuzes maak in sommige dingen, omdat ik gewoon weet dat het beter voor mij is.

Wat wil je aan anderen meegeven?
Praat erover! Je hoeft je niet te schamen. Ga op zoek naar wat de echte reden is achter je verslaving. Ben je op de vlucht voor iets? Voor bepaalde gevoelens? Of zit er iets anders achter? Praat erover met anderen. Je kunt ook naar de AGOG als je anoniem wilt blijven. En probeer open en eerlijk te zijn tegen je naasten. Zij zijn uiteindelijk de personen die je echt kunnen helpen. Als je van jezelf weet dat het gokken problematisch is, zoek dan hulp. Dat is niet dom of beschamend, dat is juist dapper en stoer!

Notitie van de auteur:
– Uit onderzoek uit 2016 blijkt dat er in Nederland zo’n 95.000 risicospelers zijn en zo’n 79.000 probleemspelers (deze spelers zijn waarschijnlijk gok- of kansspelverslaafd).
– Ervaar jij problemen met gokken? Kijk dan op https://www.gokkenondercontrole.nl/ voor anonieme hulp en tips.
– Sophie is haar strijd met haar ADD en haar gokverslaving aan het vastleggen. Meer hierover op: https://sophielomberg.auteursblog.nl/


NB: Dit interview/artikel is geschreven vanuit het oogpunt van Sophie zelf. Dit is het eerste deel van een tweedelig interview.

Sophie in het kort
Ik ben Sophie en ik ben verslaafd geweest aan gokken. Ik weet niet goed of ik zou zeggen dat ik een ex-gokverslaafde ben, want ik denk dat een verslaving altijd in je systeem blijft zitten. Dus ik zou eerder zeggen; ik ben Sophie, ik ben gokverslaafd en ik heb al ruim een jaar niet gegokt.

Een gokverslaving
Eigenlijk is een gokverslaving simpelweg dat je de behoefte om te gokken niet meer onder controle kunt houden en daardoor problemen krijgt op verschillende aspecten van je leven. In mijn geval was het voornamelijk dat ik financiële problemen en relatieproblemen kreeg. Ik heb zelf gelukkig nog nooit problemen gehad op het werk door mijn verslaving, maar dit komt wel veel voor. Ook problemen met je sociale kring zoals vrienden en familie komt veel voor.

Is een gokverslaving te vergelijken met een verslaving aan bijvoorbeeld drugs?
Ja, in zekere mate kun je dit wel met elkaar vergelijken. Er wordt onderscheid gemaakt in twee categorieën verslavingen: verslaafd aan een middel/stof of verslaafd aan gedrag/handeling. Onder middelen valt bijvoorbeeld drugs en alcohol en onder gedrag valt bijvoorbeeld gamen en gokken.

Uiteindelijk draait het bij elke verslaving om afhankelijkheid denk ik. Je bent afhankelijk van een bepaald iets, in mijn geval gokken. Er zijn ook twee vormen van afhankelijkheid: lichamelijke en geestelijke afhankelijkheid. De geestelijke afhankelijkheid zorgt er eigenlijk voor dat je nergens anders meer aan kunt denken. De lichamelijke afhankelijkheid is dat je lichaam gewend is geraakt aan het effect wat het middel of gedrag oproept. Als je lichaam dit niet keer op keer krijgt, krijg je last van de zogenoemde ontwenningsverschijnselen.

Wat vaak wordt onderschat is dat je ook bij een gokverslaving wel degelijk lichamelijke afhankelijkheid ervaart. Die lichamelijke afhankelijkheid ontstaat bijvoorbeeld door de hoeveelheid adrenaline die je aanmaakt in het casino. Zowel een gokverslaving als bijvoorbeeld een gameverslaving is lange tijd als het ware ‘onderbelicht’ geweest, omdat de mate waarin je er daadwerkelijk verslaafd aan kunt raken lange tijd niet goed bekend was.

Er worden nog steeds nieuwe verslavingen ontdekt. Energydrank staat tegenwoordig ook op het lijstje. Maar bijvoorbeeld winkelen, eten en seks kunnen ook echt verslavend zijn.

Wist je omgeving ervan?
Mijn omgeving wist wel dat ik soms gokte, maar niet dat het zo problematisch was. Mijn vriend heeft eerder een keer aangegeven dat ik wel veel gokte en ik heb destijds gezegd dat ik niet meer zou gokken. Dat heb ik ook daadwerkelijk een tijdje gedaan, maar het ging al snel weer mis. Mijn vriend ging er toen vanuit dat het goed ging.
Hoe het kon dat ze dit niet wisten? Liegen… Helaas heb ik in die periode veel gelogen. Ik bedacht smoesjes waar ik was en vertelde bijvoorbeeld dat ik naar een vriendin was, terwijl ik eigenlijk in het casino zat. Daarnaast ben ik ook heel goed in doen alsof alles goed gaat en een masker opzetten. Iets wat positief kan zijn, maar in mijn geval ook vaak negatief is.

Hoe kun je een gokverslaving bekostigen?
Niet eigenlijk! Hoeveel geld je ook hebt, als je eenmaal écht verslaafd bent dan zul je nooit voldoende geld hebben. In mijn geval heb ik al mijn spaargeld opgemaakt tot het punt dat ik ver in het rode stond. Daarnaast heb ik een creditcard aangevraagd en ook die volledig in het rode gezet. Uiteindelijk kon ik daar niets meer mee, dus heb ik het geld van de gezamenlijke rekening gebruikt. Dat geld was bedoeld voor onder andere de vaste lasten. Heel erg, ik weet het.

Hoe is de gokverslaving ontstaan?
Toen ik begon met gokken was ik depressief. Daarnaast heb ik ADD. Door mijn ADD ben ik sowieso al meer verslavingsgevoelig. De combinatie tussen mijn ADD en mijn depressie kon ik eigenlijk niet aan. Ik ging op zoek naar manieren om mijzelf te overprikkelen, zodat ik niet continu al die negatieve gedachten over mijzelf in mijn hoofd had. Zo belandde ik eigenlijk in het casino en dat werkte! Al die lichtjes, geluidjes, geuren en andere mensen… Ik werd zeker overprikkeld! Ik werd zelfs zo overprikkeld dat ik op een punt kwam dat mijn hoofd zichzelf als het ware eigenlijk een soort van uitschakelde. Ik hoefde niet meer na te denken en kon gewoon domweg op een knopje drukken. Dat voelde voor mij zo fijn, dat ik steeds vaker ging gokken. Elke keer als ik overspoeld werd door mijn zwarte gedachtegang, ging ik naar het casino.

Uiteindelijk kwam ik in een vicieuze cirkel terecht. Ik ging naar het casino om mijzelf goed te voelen, maar zodra ik eruit kwam voelde ik mij meteen weer slecht. Ik had dan namelijk én te veel geld uitgegeven én weer gelogen over waar ik was. Op het gegeven moment was gokken zo’n onderdeel van mijn leven, dat ik zelfs ‘Ja maar, gedrag’ kreeg. Zo noem ik het althans, maar het zijn gewoon smoesjes of manieren om je gedrag goed te praten. Als ik met mijzelf had afgesproken om die dag niet naar het casino te gaan, zei ik bijvoorbeeld tegen mijzelf: ‘Ja maar, ik had een rotdag op het werk en mag even ontspannen.’

Op financieel gebied kwam er druk te liggen, want ik had mijzelf in de schulden gewerkt. Dus dan kwam de redenatie: ‘Vandaag ga ik wel iets winnen en dan kan ik weer wat schulden aflossen.’ Heel dom, ik weet het. Maar op het moment dat je midden in een verslaving zit lijkt al het gedrag logisch. En ook die gedachten: ‘Ach, wat maakt die vijftig euro extra schulden nou uit?’

De schaamte overheerste heel erg. Ik heb een studie gedaan in de zorg, dus hoe dom kon ik zijn? Hoe dom was het van mijzelf wel niet dat ik was gaan gokken? Ik weet toch hoe een verslaving werkt en ik weet toch dat gokken verslavend is? En die schaamte die ik dan voelde. Ik schaamde me dood dat ik, de persoon die dit had moeten weten, mijzelf toch in zo’n positie had weten te werken.

Hulp vragen past niet zo goed bij mij. Ik ben degene die alles zelf wil oplossen en vind dat ik het zelf moet kunnen. Ik stel hoge eisen aan mijzelf dus ik had bedacht dat ik zelf wel van mijn verslaving af kon komen. Dat was natuurlijk niet zo, maar dat zou pas later blijken.

Zo kwam ik dus in een vicieuze cirkel terecht. Want hoe slechter ik mij voelde, hoe meer behoefte ik had om te gokken. Ik hield dus zelf mijn gedrag in stand. Dat is trouwens heel bekend verslavingsgedrag: liegen, je eigen gedrag goed praten, je eigen gedrag in stand houden…
Je komt gewoon op het gegeven moment niet meer uit dat cirkeltje zonder hulp.

Notitie van de auteur:
– Uit onderzoek (2016) blijkt dat er in Nederland zo’n 95.000 risicospelers zijn en zo’n 79.000 probleemspelers zijn (deze spelers zijn waarschijnlijk gok- of kansspelverslaafd).
– Ervaar jij problemen met gokken? Kijk dan op https://www.gokkenondercontrole.nl/ voor anonieme hulp en tips.
– Sophie is haar strijd met haar ADD en haar gokverslaving in een boek aan het vastleggen. Meer hierover op: https://sophielomberg.auteursblog.nl/
– Deel 2 van dit interview, waarin Sophie onder andere vertelt over hoe ze haar gokprobleem heeft aangepakt, verschijnt binnenkort!


Met het steeds toenemende gebruik in de avonduren van lichtgevende schermen, in smartphones, computers en tablets onder jongeren, blijken steeds meer van hen ook een verstoorde slaap te hebben. Uit onderzoek uit 2019 door het RIVM in samenwerking met het AMC, Lifelines en het Nederlands Herseninstituut, blijkt dat van de groep jongeren tussen 13 en 18 jaar meer dan tachtig procent dagelijks langdurig gebruik maakt van een of meerdere schermen. Opvallend bij deze groep is dat zij gemiddeld veertig minuten korter slapen dan leeftijdsgenoten die minder tijd besteden aan een scherm. Dit komt waarschijnlijk omdat ze later gaan slapen dan dat ze anders zouden doen.

Uit het onderzoek blijkt ook dat jongeren die dagelijks in het uur voordat ze gaan slapen veelvuldig op hun scherm kijken, meer slaapklachten, zoals ’s nachts wakker worden, te vroeg wakker worden, niet kunnen inslapen of overdag in slaap vallen, laten zien. Vraag in deze is of blauw licht hierbij een rol speelt.

Door het gebruik van LED-technologie zenden de huidige lichtgevende schermen relatief veel blauw licht uit. Het was al langer bekend dat blauw licht invloed heeft op onze biologische klok en onze slaap kan verstoren. Omdat de klachten van de jongeren afnamen als zij hun schermen een aantal dagen niet gebruikten of wanneer zij een oranje bril droegen die blauw licht blokkeert, kan voorzichtig worden geconcludeerd dat blauw licht een boosdoener is als het gaat om een aantal slaapproblemen.

Hoe werkt de biologische klok?
De biologische klok is een ingebouwd systeem in ons lichaam dat ervoor zorgt dat onze biologische processen gebeuren op het moment dat dat nodig is. Ons lichaam beschikt over meerdere verschillende ‘klokken’ die allemaal worden aangestuurd door een centrale klok in onze hersenen. Deze centrale klok, die het synchroon lopen van alle andere klokken regelt, ligt in de hypothalamus en staat onder invloed van het licht. Hierdoor heeft deze klok een ritme van ongeveer 24 uur (24,2 uur om precies te zijn). Bij blootstelling aan licht op momenten dat de centrale klok hier niet op rekent, kan hij gemakkelijk verstoord raken. Hierdoor wordt bijvoorbeeld het waak-slaapritme ontregeld.

De blootstelling aan blauw licht versterkt deze verstoring extra omdat ons lichaam er hevig op reageert. Dat dit gebeurt, heeft met onze evolutie te maken. Blauwe golflengtes kunnen beter doordringen in de oppervlakten van oceanen waardoor ze, lang voor ons bestaan, plekken bereikten waar het leven ooit begon. Als dit niet gebeurd was, was er waarschijnlijk helemaal geen leven op aarde gekomen. In miljoenen jaren daarna is door middel van evolutie een ingewikkeld systeem gecreëerd dat dit licht, net als bij alle andere levende wezens op aarde, vertaalt naar ons biologische ritme. In onze ogen zitten een aantal cellen waarin zich het eiwit melanopsine bevindt dat actief reageert op blauw licht. Er worden dan signalen naar de hypothalamus gestuurd die op zijn beurt signalen doorgeeft aan de pijnappelklier (de epifyse). Dit is een klier, ook gelegen in de hersenen, die melatonine produceert.

Melatonine
Melatonine is een slaaphormoon dat afgegeven wordt aan het bloed. De hoeveelheid verandert gedurende de dag onder invloed van licht. Bij veel licht wordt de aanmaak gedempt en zijn we wakker en alert. Is het donker dan wordt de aanmaak van melatonine gestimuleerd en wordt je lichaam voorbereid op de slaap. Het blauwe licht zorgt dus voor een directe vermindering van de aanmaak van melatonine, met het gevolg dat het slapen niet goed gaat lukken.

Dan slikken we toch een pilletje?
Tegenwoordig is melatonine in verschillende doseringen vrij bij de drogist te koop en wordt het vrij normaal gevonden om, als je niet zo goed kunt slapen, dan maar een pilletje te slikken. Volgens onderzoekers van het Erasmus MC slikt een op de zeventien jongeren (zes procent) dagelijks melatonine om beter te kunnen slapen. Deze pillen zijn niet door een dokter voorgeschreven. Tot op heden is nog niet goed bekend of het slikken van melatonine effecten voor de gezondheid heeft op lange termijn. Regelmatig gebruik wordt dan ook afgeraden, tenzij het door een dokter wordt voorgeschreven. Verstandiger is het om uit te proberen wat het effect van het gebruik van lichtgevende schermen vlak voor het naar bed gaan is. Waarschijnlijk helpt het al aanzienlijk om beter te slapen als er na 21 uur geen gebruik meer van wordt gemaakt.


Deze week – van 22 juni t/m 26 juni – is het de week van de teek. De week waarin extra aandacht gevraagd wordt te controleren op de aanwezigheid van teken op het lichaam, nadat we buiten in een groene omgeving zijn geweest. Dit om een eventuele besmetting met de Borrelia Burgdorferi bacterie te voorkomen. Die Borrelia besmetting wordt veroorzaakt door een speciaal type teek, een schapenteek. Een klein spinachtig insect met acht zwarte pootjes.

Per jaar worden er alleen al in Nederland meer dan 1,3 miljoen tekenbeten geregistreerd. De meeste in Noordoost Nederland. Met name in de maanden juni en juli vindt er een heuse ‘tekenbeetpiek’ plaats, maar teken zijn er eigenlijk altijd als de temperatuur maar boven nul is. Ze houden zich vooral op in bossen met varens en lange grassen als bodembedekkers. Anders dan wat vaak gezegd wordt, zitten ze niet in die bomen en laten ze zich niet naar beneden vallen, het zijn juist de bodembedekkers waarin ze zich schuilhouden. Dit doen ze omdat ze zich normaliter voeden met het bloed van kleine (knaag)dieren en vogels. Dat ze zich vastbijten in mensen is eigenlijk een vergissing, omdat ze bloed ruiken en hierop afgaan. Mensen horen eigenlijk niet thuis in die bodembedekkers en een teek bemerkt het verschil niet. Dat vastbijten kan trouwens alleen maar op de blote huid. Is deze goed bedekt of ingesmeerd met DEET – een vies ruikende bloedgeurmaskeerder- dan is de kans op een beet al een heel stuk minder.

We zien echter dat er, ondanks alle aandacht en maatregelen, nog steeds heel veel mensen door teken gebeten worden. Ben je gebeten, dan is het belangrijk om de teek binnen 24 uur te verwijderen, voordat hij kans heeft gekregen de Borrelia besmetting over te dragen. Dit moet wel gebeuren met een speciale tekenverwijderaar en niet met bijvoorbeeld de nagels. Nagels kunnen een teek kapot trekken, waarna de bacterie alsnog via kapotte ingewanden in het bloed terecht kan komen.

Pijnloos
Ondanks die scherpe tanden van de schapenteek en het feit dat hij zich zeer stevig vast kan bijten, wordt een tekenbeet over het algemeen niet gevoeld. Zonder zelfcontrole kom je er dan ook meestal niet achter dat je daadwerkelijk gebeten bent. In de helft van de gevallen ontstaat enige tijd later – en dit kan wel drie maanden zijn – een rode vlek, soms met een opvallende kring. Zo’n vlek, erythema migrans genoemd, is het enige duidelijke teken van een besmetting. Krijg je die vlek niet, maar heb je wel een reeks van onduidelijke klachten, zoals griep, koorts, hoofdpijn, pijn in de gewrichten, hartkloppingen, duizeligheid, dubbelzien en/of pijnscheuten in armen of benen, dan kan de diagnose alleen ‘klinisch’ worden gesteld. Hiermee wordt bedoeld dat een besmetting op basis van symptomen, het verhaal van de patiënt, testen een aanvullend onderzoek, naar alle waarschijnlijkheid wijst op de ziekte van Lyme. Dit omdat de symptomen op zich bij veel andere ziektebeelden kunnen horen.

Antibiotica
De enige behandeling van de ziekte van Lyme is een antibioticakuur. Dit omdat het hier gaat om een bacterie. Hoe eerder er met die kuur wordt begonnen, hoe meer kans er bestaat dat deze ook daadwerkelijk aanslaat. Per jaar krijgen gemiddeld 2 van de 100 patiënten, die door een teek gebeten zijn, de ziekte van Lyme. Dit zijn er dus meer dan 27.000. Vijf procent hiervan houdt langdurig klachten en een enkeling zelfs blijvende.

Om nu precies te weten waar en wanneer teken in Nederland actief zijn, bestaat de RIVM-app tekenbeet. Deze app is gratis te downloaden in de App Store en in Google Play Store. Met deze app is het mogelijk, ook buiten, zonder internet op te zoeken hoe een teek eruit ziet en hoe je hem snel kunt verwijderen.


Net als sinaasappels zijn grapefruits echte vitaminebommen. Ze zitten vol vitamine C en bevatten ook nog eens kalium, vitamine A, B1 en B6. Daarnaast zijn ze vanwege hun bitterzoete smaak erg lekker en verfrissend dus wat wil je nog meer zou je zeggen, iedere dag zo’n bommetje kan alleen maar goed zijn. Helaas geldt dat niet voor iedereen.

Vers grapefruit(sap) en ook grapefruitsap uit een pak of sap toegevoegd aan multivitaminedrank, heeft namelijk invloed op de werking van bepaalde medicijnen; het houdt de afbraak ervan tegen. Hierdoor gaat het medicijn zich ophopen in het lichaam en treden er (stevige) bijwerkingen op.

Hoe kan dat?
Als je een medicijn slikt, komt dit via de darmwand en de lever in het bloed terecht, waarna het zijn werk gaat doen. In ons lichaam zit een enzym genaamd cytochroom P450 3A4 (CYP3A4) dat medicijnen deels afbreekt tijdens het passeren van die darmwand. Dit is een natuurlijk proces. Omdat we weten dat door die gedeeltelijke afbraak het medicijn minder effectief is, wordt medicatie vaak in een hogere dosering gegeven dan eigenlijk nodig zou zijn. Hierdoor blijft er ook na die deelse afbraak voldoende medicijn over.

Furanocoumarines
In grapefruitsap zitten stoffen genaamd furanocoumarines. Deze stoffen binden zich aan het enzym CYP3A4 en maken dit enzym inactief. Hierdoor kan het medicijnen niet meer afbreken en wordt de concentratie in het bloed van het betreffende medicijn te hoog. Dit geeft in een aantal gevallen zeer vervelende en soms ook schadelijke bijwerkingen, zoals acuut nierfalen, ademhalingsproblemen, maag- en darmbloedingen en niervergiftiging. In hele extreme gevallen kan het zelfs leiden tot de dood.

In Ontario, Canada, hebben onderzoekers vastgesteld dat er op dit moment ongeveer negentig verschillende medicijnen zijn die gaan stapelen door inactief CYP3A4 vanwege grapefruitsap. Ongeveer de helft hiervan geeft risico op de eerder genoemde ernstige bijwerkingen. Ieder jaar wordt van meer medicijnen bekend dat ze niet goed samengaan met grapefruitsap.

In Nederland wordt inmiddels op een aantal etiketten van medicijnen vermeld dat bij gebruik, grapefruitsap verboden is. Dit zijn medicijnen, zoals statines (cholesterolverlagers), calciumantagonisten (medicijnen tegen hart- en vaatziekten / hoge bloeddruk) en benzodiazepines (kalmeringsmiddelen / slaapmiddelen). Het is verstandig om altijd bij de apotheek na te vragen of er een eventuele wisselwerking met grapefruitsap bestaat. Voorkomen is beter dan genezen, dus als u medicijnen slikt, denk dan na voordat u een grapefruit eet of het sap ervan drinkt.


Sinds 2018 adviseert de Nederlandse Organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek (TNO) om op het moment dat een breedspectrum antibioticum, zoals amoxicilline, wordt gebruikt, tevens probiotica te gebruiken. Waarom geldt dit advies en wat zijn probiotica eigenlijk?

Probiotica zijn goede (nuttige) melkzuurbacteriën die van nature in gefermenteerde voeding voorkomen of die aan voedingsmiddelen worden toegevoegd. Ze helpen onze darmflora (de verzamelnaam voor alle bacteriën die in de darm leven) gezond te houden en hebben hierdoor een positief effect op het immuunsysteem. Het woord probiotica is afkomstig uit het Latijn. Pro betekent voor en biotica betekent leven. In 2002 heeft de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) vastgelegd dat onder probiotica levende micro-organismen worden verstaan die wanneer zij in voldoende hoeveelheden worden toegediend, een gunstig effect hebben op de gastheer. Probiotica zijn geen geneesmiddelen en hebben ook niets te maken met antibiotica wat tegen het leven betekent. Antibiotica zijn bedoeld om bacteriën te doden.

Om effectief hun werk te kunnen doen, is het belangrijk dat die nuttige melkzuurbacteriën levend de darmen bereiken waar ze kunnen zorgen voor een versterking van het immuunsysteem. Hiervoor moeten ze kunnen overleven in het in onze maag aanwezige maagsap. Dat maagsap is specifiek bedoeld indringers te doden, zodat we niet ziek worden en werkt zeer agressief. Het lukt de meeste bacteriën dan ook niet daarin te overleven. Dit zijn met name de melkzuurbacteriën die in ons voedsel voorkomen, zoals in zuurkool. Melkzuurbacteriën die aan voedingsmiddelen worden toegevoegd, denk hierbij aan verschillende soorten zuivelproducten, of die in voedingssupplementen zitten, bereiken wel levend de darmen. Dit komt omdat ze kunstmatig resistent gemaakt zijn tegen het zuur in de maag.

Antibiotica gerelateerde diarree
Waarom nu dat advies van TNO van het gebruik van probiotica bij het slikken van een breedspectrum antibioticum, als amoxicilline? De naam breedspectrum antibioticum zegt zoveel als dat het een doder is van vele verschillende soorten bacteriën. Niet alleen die schadelijke bacteriën die verantwoordelijk zijn voor een infectie maar ook die nuttige bacteriën die we nodig hebben om onze darmflora gezond te houden. Hierdoor krijgen veel mensen tijdens een antibioticakuur last van AGD, oftewel antibiotica gerelateerde diarree. Gebruiken we nu probiotica dan zorgen de melkzuurbacteriën ervoor dat de diarree vermindert en tevens wordt, door verhoging van de weerstand, de kans dat de infectie terugkeert kleiner. Aangeraden wordt om probiotica steeds twee uur na het innemen van de antibiotica te gebruiken en dit zeker tot twee weken na het beëindigen van de antibioticakuur te blijven doen. TNO geeft ook nog een advies, welke melkzuurbacteriestam het meest effectief is als probiotica en dan met name richting het voorkomen of verminderen van AGD. Dit is de bacteriestam Lactobacillus rhamnosus GG (LGG). Je moet van deze bacterie wel minimaal 2 miljard kolonievormende eenheden per dag binnenkrijgen voor enig resultaat. Ook zijn de Lactobacillus acidophilus LA-5 en de Bifidobacterium lactis BB-12 bewezen effectief. Deze laatste twee zijn vaak toegevoegd aan yoghurtdrinks.


Het is alweer even lente en dat betekent onder meer ook dat de aspergetijd is aangebroken. Het, zoals asperges ook genoemd worden, witte goud, mag officieel gestoken worden tot 24 juni, want dan eindigt het seizoen, op de feestdag van Sint Jan. Na deze datum worden er geen asperges meer gestoken en krijgt de plant rust om op krachten te komen zodat het volgend seizoen ook weer volop asperges geleverd kunnen worden.

Concreet betekent dat dat er nog maar een paar weken te genieten valt van deze bijzondere groente, tenminste op het moment dat je ze eet, want als je daarna naar het toilet gaat, kan het goed zijn dat je je eigen urine erg onprettig vindt ruiken. Dat hoeft overigens niet het geval te zijn, er zijn mensen die hun urine helemaal niet vies vinden ruiken na het eten van asperges. Deze mensen zijn dan ook heel erg verbaasd als een ander ze vertelt van hun toiletervaring na het nuttigen van asperges. Hoe kan dat eigenlijk en beter welke geur ruik je precies als je aspergeplas ruikt?

Onderzoek naar aspergeluchtjes
Een paar jaar geleden deed een team van zowel Amerikaanse als Europese genetici uitgebreid onderzoek naar aspergeluchtjes en dit onderzoek werd gepubliceerd in het British Medical Journal. Er werd aan ongeveer zevenduizend mensen gevraagd asperges te eten en daarna te noteren of hun urine een opvallende geur had gekregen. De resultaten gaven aan dat ongeveer 60% van de ondervraagden hun urine niet anders vond ruiken dan normaal.
Dat meer dan de helft van de mensen de penetrante geur van asperges niet ruikt, komt door het feit dat niet iedereen genetisch in staat is de specifieke geurstoffen die hiervoor nodig zijn, aan te maken. Hierdoor ruikt de urine dus helemaal niet. Aangetoond is dat dit een erfelijke kwestie is die dominant wordt overgenomen. En kort door de bocht betekent dit dat steeds meer mensen in de toekomst aspergelucht in urine niet zullen ruiken.

Asparagusinezuur
Voor degenen die het wel ruiken; die typische aspergelucht komt uit een mix van zes verschillende zwavelverbindingen die als afbraakproduct na het eten van asperges overblijven uit asparagusinezuur. Apart is dat dit asparagusinezuur van oorsprong helemaal niet in een asperge thuishoort, maar er in is gekomen toen in de 18de eeuw de bemesting met onder andere zwavelhoudende meststoffen begonnen is.

Daarnaast is er nog een ander ingewikkeld iets aan het ruiken zelf: het perceptiemechanisme. Hiermee wordt bedoeld dat de waarneming van de geur verschilt per persoon. Wat voor de één een ronduit smerige lucht is, is voor de ander geen probleem of zelfs wel aangenaam. Ook herkennen een heleboel mensen de geur niet als zodanig: de een heeft nu eenmaal betere reukreceptoren dan de ander. Zij hebben in dezen last van selectieve anosmie, oftewel van het onvermogen een bepaalde geur te kunnen ruiken.

Bij wie nu wat precies een rol speelt bij het ruiken van aspergelucht blijft nog steeds onduidelijk en het onderzoek hiernaar gaat dan ook nog verder. Men probeert nog steeds helder te krijgen waarom de één de penetrante lucht wel ruikt en de ander niet. De aspergeplas blijft dan ook in de toekomst nog intrigeren.


Je herkent het vast, dat ongelukkige moment waarop je in een restaurant gevraagd wordt te kiezen van de wijnkaart, waarna je de wijn ook nog eens moet keuren. Wat moet je proeven en hoe herken je een kwaliteitswijn? Wil je meer weten over wijn en over de benamingen die hier bijhoren, begin dan eens met het bestuderen van onderstaande wijntermen.

1. Aards
Aards is de omschrijving van een wijnaroma dat doet denken aan de geur van bos, herfstbladeren of champignons. Meestal is een wijn met een aards aroma een oudere wijn.

2. Afdronk
Een afdronk is de smaak die achterblijft in de mond na een slok. Bij een goede wijn blijft de smaak zeker tien seconden hangen.

3. Alcohol
Door het vergisten van suiker ontstaat alcohol. Hoe meer omzetting, hoe hoger het alcoholpercentage in wijn zal zijn. Dit varieert tussen de 5.5 en 20%.

4. AOC Appellation D’ origine Controlée
AOC is een Franse kwaliteitsaanduiding die terug te vinden is op het etiket. De kwaliteit heeft te maken met een aantal standaardeisen over aantallen en productie. Een AOC wijn is niet per definitie ook lekker.

5. Aroma
Het aroma is de geur van de wijn. Er zijn honderden verschillende aroma’s en sommige zijn kenmerkend voor de druivensoort. Zo heeft Sauvignon Blanc volgens wijnkenners de geur van kattenpis naast groene geuren, zoals limoen, appel, gras en buxus.

6. Barrique
Barrique is Frans voor vat in het geval van wijn een houten vat. Als wijn op een houten vat heeft gelegen (gerijpt), worden extra smaak, aroma en tannine toegevoegd. Het soort houten vat heeft invloed op de wijn. Hoe kleiner het vat hoe meer smaak. Dit geldt ook voor hoe nieuwer. Ook het soort eikenhout is van belang. Is een vat gemaakt van Frans eikenhout dan geeft dat een aroma van donkere chocola, koffiebonen en sigarenkistjes. Amerikaans eikenhout is zoeter en geeft aroma’s als vanille, kokos en zoete specerijen.

7. Blend – assemblage – cépage
Een blend is een combinatie van twee of meer wijnen en wordt ook wel assemblage of cépage genoemd. Het is bedoeld om de aroma’s van de afzonderlijke wijnen samen beter te laten smaken. Veel Bordeauxwijnen zijn blends.

8. Bodega
Bodega is Spaans voor wijnkelder maar het wordt gebruikt om de naam van het Spaanse wijnhuis aan te duiden.

9. Bouquet of boeket
Bouquet is de term die verwijst naar een totaal van aroma’s in een wijn.

10. Bordeaux
Bordeaux- wijnstreek in Frankrijk – wordt gezien als een van de grootste wijn producerende regio’s in de wereld.

11. Chaptaliseren
Bij chaptaliseren wordt suiker aan de wijn toegevoegd om een hoger alcoholpercentage te krijgen. Dit mag in Europa alleen in Duitsland, waar het klimaat wat kouder is. De term is vernoemd naar Comte Chaptal, een minister ten tijde van Napoleon.

12. Crianza– Joven – Reserva – Gran Reserva
Crainza is in Spanje een aanduiding voor wijnen die minimaal zes maanden en maximaal twee jaar op hout gerijpt hebben. Een reserva heeft minimaal drie jaar op hout gerijpt waarvan zeker een jaar op eikenhout. Een Gran Reserva, rijpt minimaal vijf jaar op hout, waarvan twee jaar op eikenhout. Staat er Sin Crianza of Joven op het etiket dan heeft er geen houtrijping plaatsgevonden.

13. Cru – Grand Cru – Cru Bourgeois
Een Cru is de benaming voor een Franse topwijn, altijd een Bordeaux. In 1855 is deze classificering toegevoegd aan het toen al bestaande AOC systeem. Er worden vrijwel nooit meer Cru’s toegekend. Grand Cru oftewel geweldige oogst is dezelfde benaming. Cru Bourgeois is een titel die tegenwoordig wordt toegekend aan nieuwe topwijnen en is dus beslist geen titel voor een ‘gewoon’ wijntje, ook al is de letterlijke vertaling van bourgeois burgerlijk.

14. DOC Denominación de Origen Calificada
DOC is de hoogste kwalificatie voor Spaanse wijnen, vergelijkbaar met AOC in Frankrijk.

15. DOCG Denominazione di Origine Controllata e Garantita
DOCG is de hoogste kwalificatie voor Italiaanse wijnen. Een bekende wijn met deze DOCG kwalificatie is Barolo.

16. Domaine
Domaine is de Franse benaming voor wijnhuis.

17. Filmend – strak
Met filmend wordt een gevoel in de mond genoemd dat wijn geeft. Een filmend gevoel is vol en romig en voelt als een laagje in je mond. Filmend is het tegenovergestelde van een strak gevoel wat wijnen met veel tannine nogal eens geven door het samentrekken van het mondslijmvlies.

18. Jerobaum
Een Jerobaum is een grote (mega) fles met een inhoud van drie liter.

19. Kabinett
Kabinett is de Duitse term voor de aanduiding van een kwaliteitswijn. In Duitsland worden de volgende classificaties toegekend, gerekend naar de hoeveelheid restsuiker:
Kabinett = droog
Spätlase = droog maar iets zoet
Auslese = iets zoet
Beerenauslese = zoet/ dessertwijn
Trockenbeerenauslese = geconcentreerde zoete dessertwijn.

20. Kurk
Onder de aanduiding kurk wordt een wijnfout verstaan. De wijn is aangetast door de schimmel Trichloranisole (TCA) die voorkomt in de kurk. De smaak en geur doen denken aan die van natte hond, een dweil en een schimmelige kelder. Ook een wijn met een schroefdop kan kurk hebben. Deze is veroorzaakt door de schimmel in het wijnvat waarin de wijn gerijpt heeft. Wijnvaten worden namelijk ook afgesloten met een kurk.

21 Musselet
Een Musselet is het kapje van ijzerdraad wat op mousserende flessen wordt aangebracht. Dit kapje is uitgevonden in 1844 door Jules Guyot om de kurk niet voortijdig uit de fles te laten schieten door de hoge druk veroorzaakt door koolzuur.

22 Primaire aroma’s
Primaire aroma’s zijn die geuren die in de druif zelf zijn ontstaan. In wijntermen worden hier vaak de benamingen fruitig, floraal, vegetaal en mineraal aan gegeven. Enkele voorbeelden van primaire aroma’s zijn: tijm, cassis, perzik, groene paprika en passievrucht.

23. Secundaire aroma’s
Secundaire aroma’s komen in de wijn tijdens de vergisting en de rijping. Voorbeelden zijn: vanille, boter, ananas, amandel en peper.

24. Tertiaire aroma’s
Tertiaire aroma’s ontstaan bij langdurige veroudering of rijping van wijn. Lang niet alle wijnen worden lekker als ze blijven liggen, ze worden vaak zuur, maar andere wijnen smaken voortreffelijk juist door die extra aroma’s. Voorbeelden zijn petrol, chocola en koffie.

25. Vegetaal
Vegetaal is de aromabenaming die wordt gegeven aan wijn met geuren van groente en planten, zoals groene paprika, asperges en buxus.


NB: Dit interview/artikel is geschreven vanuit het oogpunt van Leonie zelf. Dit is het tweede deel van een tweedelig interview.

Leonie in het kort
Ik ben Leonie, een dame van 30 jaar die in een flat woont. Ik woon daar samen met mijn drie katten. Ik zie mijzelf als een creatieve duizendpoot. Voor al die duizend poten is er van alles te doen in mijn huis, villa kakelbont genoemd. Eigenlijk heb ik te veel (creatieve) hobby’s. O ja, ik heb natuurlijk ADHD. Vandaar ook dit interview.

Zijn er handvatten om te kunnen omgaan met ADHD? Zoals een dieet?
Ik let zelf niet op mijn voeding, want ik vind dat erg ver gaan. Het kan namelijk wel twee jaar duren voordat je weet van welke voedingsstoffen je last hebt. Het is echt een heel streng dieet en dat vind ik persoonlijk te ver gaan. Dan denk ik aan kwaliteit voor kwantiteit. Dus ik slik liever troep (op medicatiegebied) die mijn leven verkort zodat ik nog wel in staat ben om spontaan dingen te doen en niet op mijn voeding hoef te letten. In plaats van dat ik altijd op mijn voeding moet letten en alles moet afwegen enzo..
Wat goed werkt, werkt per persoon verschillend. Voor mij werkt een verzwaringsdeken echt heel goed. En mijn drukvest. Je hebt ook een verzwaringsvest, wat in principe hetzelfde is als een verzwaringsdeken. Maar een verzwaringsvest kun je niet een hele dag aan. Een drukvest kun je zelf oppompen en kun je de hele dag aan. Je kunt makkelijk in gewicht wisselen en kunt dus op elk moment het vest oppompen of leeg laten lopen, wat je op dat moment nodig hebt. Door de druk voelt het alsof je een stevige knuffel krijgt. Dan ervaar je minder prikkels. Het helpt voor lichamelijke en geestelijke onrust, maar voor mij voornamelijk voor de lichamelijke onrust. Ik heb het meest aan de verzwaringsdeken, omdat je daar helemaal onder ligt. Maar die sleep je nou eenmaal niet mee als je boodschappen gaat doen, haha.
Verder zou ik adviseren om een dagplanning te maken, een zo’n prikkelarme mogelijke omgeving te hebben en gebruik te maken van keuzemogelijkheden. Als het goed gaat kan ik prima zelf uit dingen kiezen. Dan weet ik wat ik wil en ga ik dat gewoon doen. Maar zoals al eerder benoemd, verzuip ik meestal in mijn eigen ideeën. Dan zie ik op mijn planning drie keuzes en kies ik daar één uit. Dat helpt, want dan wordt het weer rustig in mijn hoofd.
Wat ik het laatste jaar heb geleerd en ook steeds meer teruglees, is dat het ook belangrijk is dat je kenbaar maakt in je omgeving en op je werkplek dat je ADHD hebt. Er wordt in onze maatschappij heel veel van je verwacht en je moet heel veel. Soms lukt dat iemand met ADHD gewoon niet, of duurt het wat langer. Dat wat er van je verlangt wordt, kun je niet volbrengen. En daar kun je dan heel verdrietig van worden of denken ‘Waarom kan ik dat niet?’ Of dat gevoel krijgen dat het aan jou ligt, maar het ligt niet aan jou! Er gaat iets mis in je hoofd en daar ben je mee geboren. Het is dus praktisch onmogelijk voor je. Als je dat deelt met anderen en er open over bent, kunnen anderen de verwachtingen ook bijstellen. Dan ervaar je minder faalmomenten. Ik moest van één van mijn begeleiders altijd zeggen: ‘Dat lukt me niet zo goed’, in plaats van ‘Dat kan ik niet’. Maar dat vind ik geromantiseerd. Want sommige dingen kan ik gewoon simpelweg niet door mijn ADHD! Je kunt bijvoorbeeld niet van mij verwachten dat ik drie uur lang ga vergaderen en dan stil moet zitten, goed moet luisteren, goed mee moet doen en ook nog alles mee moet krijgen. Dat lukt me gewoon niet. Daar kun je wel doekjes omwinden, maar het is gewoon zo. En hoe meer je bezig bent met: wat wordt er van mij verwacht? Hoe minder goed het gaat. Een beetje dat principe: ‘Je mag niet aan een roze olifant denken.’

Heb je tips voor mensen die iemand met ADHD in hun omgeving hebben?
Ja, verdiep je in ADHD. En vraag wat het voor diegene betekent, wat diegene lastig vindt door zijn/haar ADHD. Pas je verwachtingen ook aan als dit kan. Dan voorkom je faalmomenten en verminder je het gevoel van lage eigenwaarde. Vraag ook wat iemand nodig heeft in sommige gevallen. Ik vind het namelijk erg fijn als mensen aangeven dat ik zelf een keuze mag maken, maar soms lukt me dat niet en heb ik er baat bij als iemand anders een keuze voor mij maakt. En probeer structuur te bieden waar dit kan. O ja, en probeer niet te veel mee te gaan in de impulsiviteit. Het is fijn als anderen daar even bij stil staan en bijvoorbeeld zeggen: ‘Ho, ho. Laten we het er eerst even over hebben. Is dat wel zo’n goed idee?’

Levert je impulsiviteit problemen op?
Ja. Op dat moment lijkt het namelijk allemaal erg leuk, maar als ADHD’er denk je niet (althans, ik niet) echt goed na over de lange termijn gevolgen. Als ik bijvoorbeeld nu bedenk dat ik een paard wil kopen, dan doe ik dat. En dan bedenk ik me niet dat ik dan misschien aan het einde van de maand geen geld meer heb om boodschappen te doen. Het heeft me ook in veel leuke situaties gebracht hoor. Zoals dat iemand dan bedenkt dat diegene een spelletjesverzameling wil en we vijf minuten later in de auto zitten op weg naar de kringloop en terugkomen met weet ik hoeveel bordspellen. Dat zijn de leuke, onvoorspelbare momenten van mijn ADHD die ik koester. Maar het brengt ook veel problemen met zich mee. Daarnaast zijn mensen met ADHD ook nog eens gevoeliger voor verslavingen. Dat in combinatie met de impulsiviteit is echt geen goede combinatie. En ik spreek uit ervaring als ik zeg dat impulsiviteit niet erg bevorderlijk is voor je financiële situatie. Daarom heb ik nu ook bewind aangevraagd. Ook als ik een goed overzicht zou hebben van mijn uitgaven en inkomsten, dan nog zou ik problemen krijgen met geld. Het is trouwens niet zo dat ik elke keer een paard koop hoor, haha. Het zijn vaak heel veel kleine dingetjes. Als ik bijvoorbeeld een nieuwe hobby zie die me erg leuk lijkt, dan ga ik dat direct kopen. En dan moet ik ook meteen alles ervan hebben. Dan bedenk ik niet dat het verstandig is om eerst te kijken of die hobby wel echt iets voor me is en bijvoorbeeld naar een goedkope winkel te gaan. Mede daarom woon ik ook in het magazijn van de Pipoos. Maar het feit dat ik bewind heb aangevraagd is vooral dat ik mijn financiën niet kan overzien. En daar ervaar ik zoveel onrust, chaos en stress door dat ik dat niet meer wil. Ik wil zelf bewind omdat ik daar rustiger van word.

Had je dingen anders willen doen als je bijvoorbeeld eerder had geweten dat je ADHD hebt?
Ja, echt wel. Ik had wel gewild dat ik eerder gediagnosticeerd werd, als kind zijnde al. Niet dat ik per se toen al met medicatie wilde starten, maar wel dat er oog voor was. En misschien een vorm van begeleiding of zoiets. Ik was altijd de dromer en afwezig. Tegelijkertijd had ik de grootste fantasie en het beste schrijf- en leestalent. Maar ook daar verloor ik mijzelf in. Ik denk dat het voor mij goed was geweest als ik er op de middelbare school al achter was gekomen. Ik ben begonnen op het havo/vwo, maar na het 2e jaar hebben mijn ouders er op advies van mijn mentor voor gekozen om mij terug te plaatsen naar vmbo-tl. Achteraf een domme fout, want ik had geen enkele uitdaging en het was veel te makkelijk voor mij. Als ik toen al had geweten dat ik ADHD heb, waren er misschien wel andere mogelijkheden. Zoals een apart plekje in de klas met minder prikkels en minder afleiding, zodat ik wel mijn havo/vwo diploma had kunnen halen. Uiteindelijk heb ik eigenlijk altijd onder mijn niveau geleerd. Pas toen ik startte aan het hbo in Utrecht was ik echt op mijn plek. Ik heb toen in een heel bewogen jaar waarin veel is gebeurd, toch in één jaar mijn propedeuse gehaald. Toen dacht ik echt; zie je wel, ik kan het wel. Na dat eerste jaar ging ik op mijzelf wonen en vielen de kaders en de richtlijnen die ik bij mijn ouders thuis had weg. En die kaders zelf opzetten, met ADHD, dat is erg moeilijk. Tot op heden is me dat eigenlijk nog niet gelukt. Door het op mijzelf gaan wonen is ook die studie in het honderd gevallen. Uiteindelijk heb ik veel onafgemaakte diploma’s en de diploma’s die ik wel heb, zijn eigenlijk onder mijn niveau. Dat had ik graag anders gezien.

Is er verder nog iets wat je kwijt wil?
ADHD is niet alleen kommer en kwel. Ik kan oprecht zeggen dat mijn leven nooit saai is. Mijn leven staat vaak op zijn kop, maar is nooit saai. Er gebeurt elke dag wel wat.

Notitie van de auteur.
• Er wordt geschat dat zo’n 2,1% van de volwassenen tussen de 18 en 44 jaar in Nederland ADHD heeft. (Tuithof M, 2010).
• ADHD komt vaker voor (of wordt vaker gediagnosticeerd) bij mannen dan bij vrouwen. (Tuithof M, 2010).
• Bij 72% van de mensen die in hun kindertijd gediagnosticeerd waren met ADHD, was er ook in de volwassenheid nog sprake van ADHD ( (Tuithof M, 2010).
• Methylfenidaat (beter bekend onder de merknaam Ritalin) is het meest voorgeschreven medicijn voor ADHD.
• Leonie schrijft haar eigen blog die je kunt vinden op www.zondagsdochter.com

1. Tuithof M, ten Have M, van Dorsselaer S, de Graaf R. ADHD, gedragsstoornissen en antisociale persoonlijkheidsstoornis. Vóórkomen en gevolgen in de algemene bevolking: resultaten van NEMESIS-2. Utrecht: Trimbos-instituut; 2010.


Wijn drinken in crisistijd, dat was even wennen moet ik zeggen.
Ik ben gezegend met een kleine voorraad heerlijke wijnen, in ons atelier, recht tegenover ons huis. 3 stappen en ik ben er. De rekken zijn gevuld met een selectie wijnen uit de regio, maar ook uit andere gebieden in Frankrijk, wat Spaans en Italiaans. Geweldig toch? Wijnen om te drinken, maar ook wat nog wel even bewaard dient te worden.
Toen kwam 17 maart het bericht van onze PM Macron dat we binnen moesten blijven. Geen nood, met een papiertje mogen we noodzakelijke boodschappen doen (wijn kopen) en met de hond wandelen. En in ons atelier ligt een noodvoorraad wijn die best getest kan worden.
Tja, eerst is er even paniek, wat gaan we de hele dag doen? Hoe gaan we zakelijk verder? Kúnnen we zakelijk verder? Wanneer weer? Iedereen in hetzelfde schuitje. Dat scheelt.
En lekker glas wijn dan maar. En Netflixen. Die fles gaat leeg. Mmm. Morgen misschien een dagje niet drinken?
Na een aantal dagen en flessen besloot ik iets aan dit gedrag te veranderen. Ik had flessen in mijn hand die nog zéker niet open ‘mochten’ en die gingen resoluut weer terug in het rek. Ik heb door de jaren heen best veel geleerd over wijnen bewaren en wanneer te drinken. Ook met vallen en opstaan uiteraard, zoals met alles. Vallen = te jong drinken, opstaan…
Zonde als een wijn zijn volle karakter en kracht gaat missen als je te lang wacht met drinken, het is vaak nog beter als je kan zeggen: “had best nog even mee gekund”.
Ik heb iets ontwikkeld wat ik de Ten Year Magic noem. Grote wijnen (met bewaarpotentieel) hebben in mijn ervaring iets magisch bij 10 jaar flesrijping. Nooit teleurgesteld geweest. Probeer maar een keer.
Oja! Ik heb een Coravin waarmee ik een glas kan tappen uit een fles zonder dat er zuurstof bij de wijn komt. Geweldig apparaat. De wijn die je uit de fles tapt wordt vervangen door argon gas die de rest van de fles beschermt. Ideaal ding in crisistijd! De wijnkoelkast wordt gevuld met wat lekkers wit, en een serie rode wijnen gaan uit ons atelier mee naar binnen. Trots staan ze in een rij. Welke gaan we eerst proberen? De keuze is gauw gemaakt. Één glas van iets lekkers doet wonderen. Wijn drinken wordt een groot avontuur. Hoe zal het met deze wijn staan? Al lekker of moet-ie nog even? We proberen vele wijnen uit, mijn Petra drinkt liever wit, nou dan neem ik toch een glas van die oude Carignan? Net als in de politiek wordt er hier nu een routekaart gemaakt. Wij zetten stippen op de horizon. Wijnplanning. Morgen die Côte Rotie dan maar proberen? Is nu 6 jaar oud. Kan mij het schelen, ik heb er trek in. BBQ aan voor de Côte de Boeuf. Jammer dat er geen vrienden komen mee eten. Dat komt wel weer. Maar de Coravin blijft uit de kast.